Kan een bloedtest parkinson eerder opsporen?
- Genen, Veroudering
Officiële titel: Alfa-synucleïne-specifieke T-celreceptoren bij parkinson (SYN-TCR)
Hoofdonderzoeker: prof. dr. Geert van den Bogaart
Samenwerking: dr. Sanne Meles, neuroloog en specialist in bewegingsstoornissen en parkinson
Instituten: University of Groningen, University Medical Center Groningen (UMCG), Groningen Biomolecular Sciences and Biotechnology Institute (GBB)
Duur van het project: 3 jaar
Bedrag: € 293.063,00
Het project onderzoekt de mogelijke rol van het immuunsysteem bij de ziekte van Parkinson. Meer specifiek bestuderen de onderzoekers T-cellen, een type immuuncellen dat normaal gesproken infecties bestrijdt.
Steeds meer wetenschappelijke studies laten zien dat sommige T-cellen mogelijk reageren op alfa-synucleïne, een eiwit dat zich ophoopt in de hersenen van mensen met parkinson en daar Lewy bodies vormt. De onderzoekers willen nagaan of ze deze immuunreactie ook in het bloed kunnen meten. Als dat mogelijk blijkt, kan dit in de toekomst leiden tot een eenvoudige bloedtest voor parkinson.
Onderzoeksdomein
De twee belangrijkste onderzoeksdomeinen zijn veroudering en genen. Veroudering omdat dit onderzoek zich richt op neurodegeneratie en de ophoping van alfa-synucleïne, processen die sterk verbonden zijn met de ontwikkeling van parkinson. En genen omdat de onderzoekers ook kijken naar genetische verschillen in het immuunsysteem, vooral variaties in HLA-genen, die bepalen hoe het lichaam eiwitten herkent en immuunreacties opstart.
Doelstellingen
Het belangrijkste doel van dit onderzoek is bepalen of T-cellen die alfa-synucleïne herkennen betrouwbaar kunnen worden opgespoord in het bloed van mensen met parkinson.
Lange tijd zag de wetenschap parkinson vooral als een ziekte waarbij dopamine-producerende neuronen afsterven. Nieuwe inzichten laten echter zien dat ook het immuunsysteem mogelijk een belangrijke rol speelt. Onderzoekers hebben namelijk ontdekt dat T-cellen de hersenen kunnen binnendringen en mogelijk bijdragen aan ontsteking en schade aan neuronen.
Eerdere studies vonden T-cellen die reageren op alfa-synucleïne. Opvallend is dat zulke reacties soms al jaren vóór de diagnose van parkinson aanwezig kunnen zijn. Dat betekent dat ze misschien kunnen helpen bij vroegtijdige opsporing van de ziekte.
Een probleem is dat eerdere onderzoeken deze T-cellen slechts bij ongeveer 30% van de patiënten vonden. De onderzoekers denken dat dit komt doordat eerdere meetmethoden niet gevoelig genoeg waren of slechts een klein deel van de T-cellen konden meten. Daarom willen ze nu een veel gevoeliger test gebruiken om deze immuunreacties beter te detecteren en te begrijpen.
Onderzoeksdetails
In totaal zullen 600 deelnemers meedoen aan het onderzoek: 300 mensen met parkinson en 300 gezonde controlepersonen van vergelijkbare leeftijd. Elke deelnemer geeft één bloedmonster. Uit dit bloed worden immuuncellen gehaald die peripheral blood mononuclear cells (PBMCs) heten. Deze cellen worden in het laboratorium blootgesteld aan alfa-synucleïne of fragmenten van dit eiwit.
Om te meten of T-cellen reageren op alfa-synucleïne gebruiken de onderzoekers een zeer gevoelige methode: de EdU-proliferatie assay. Deze test kan zien wanneer T-cellen beginnen te delen nadat ze een bepaald eiwit herkennen.
Wanneer een T-cel alfa-synucleïne herkent, gaat deze cel zich vermenigvuldigen. De test maakt deze groei zichtbaar. De onderzoekers gaan ook achterhalen welke soorten T-cellen reageren, zoals CD4 helper T-cellen, CD8 cytotoxische T-cellen, Th1, Th2 en Th17 immuuncellen en regulatoire T-cellen.
Daarna analyseren zij de T-celreceptoren (TCR’s) van deze cellen met geavanceerde genetische technieken. Deze receptoren functioneren als een soort slot-en-sleutel systeem, waarmee T-cellen specifieke eiwitten herkennen. Ook kijken zij naar genetische variaties in HLA-genen, om te begrijpen of bepaalde genetische profielen samenhangen met sterkere immuunreacties.
Gewenst resultaat
De onderzoekers verwachten dat T-cellen die reageren op alfa-synucleïne vaker voorkomen bij mensen met parkinson dan bij gezonde personen. Als dat klopt, kan dit onderzoek leiden tot de ontwikkeling van een minimaal invasieve bloedtest die parkinson kan helpen opsporen.
Ook kan het identificeren van specifieke T-celreceptoren die betrokken zijn bij parkinson belangrijke nieuwe inzichten geven in hoe het immuunsysteem mogelijk bijdraagt aan hersenschade.
Betekenis voor patiënten, onderzoekers, mantelzorgers en financiers
Op dit moment wordt parkinson voornamelijk vastgesteld op basis van symptomen, zoals trillen, stijfheid en langzame bewegingen. Helaas is er nog geen betrouwbare test die de ziekte met zekerheid kan aantonen tijdens het leven.
Zelfs ervaren specialisten kunnen parkinson soms verkeerd diagnosticeren, omdat de symptomen lijken op die van andere neurologische aandoeningen.
Als we immuunreacties tegen alfa-synucleïne betrouwbaar in bloed kunnen meten, kan dit leiden tot een nieuwe biomarker voor parkinson. Zo’n biomarker kan helpen bij een vroegere diagnose van parkinson, een betere diagnostische nauwkeurigheid, het herkennen van zeer vroege ziektefasen en het verbeteren van klinische studies naar nieuwe behandelingen.
Voor onderzoekers kan deze studie ook nieuwe inzichten geven in neuro-immunologie, het vakgebied dat onderzoekt hoe het immuunsysteem en de hersenen met elkaar communiceren.
Voor patiënten en hun families kan dit onderzoek uiteindelijk bijdragen aan snellere diagnose en betere behandelingsstrategieën, wat kan helpen om de ziekte beter te begrijpen en te behandelen.
Hoe kun je helpen?
Zonder de ruimhartige steun van mensen zoals jij, kunnen wij geen baanbrekend onderzoek steunen. Help je ook mee met een donatie voor onderzoek?