DaTSCAN helpt al 25 jaar bij het stellen van de diagnose ziekte van Parkinson. .

Prof. dr. Jan Booij (Amsterdam UMC) werd ‘bij toeval’ nucleair geneeskundige. Gelukkig maar. Want mede dankzij hem kwam 25 jaar geleden de DaTSCAN op de markt. En die scan speelt nog steeds een doorslaggevende rol bij het diagnosticeren van de ziekte van Parkinson.

Wat is een DaTSCAN?

DaT staat voor Dopamine Transporter. De DaTSCAN is een licht radioactieve stof en brengt de DaT in beeld. De DaT bevindt zich in dopamine neuronen. Door naar de opname van deze stof in specifieke delen van de hersenen te kijken, kunnen artsen bepalen of symptomen zoals stijfheid en trillen door een dopaminetekort komen, wat kenmerkend is voor de ziekte van Parkinson. Ook kan de scan helpen om onderscheid te maken tussen andere neurologische aandoeningen, zoals Lewy body dementie en Alzheimer, waarbij de opname van dopamine ook verschillend is.

Waarom koos je voor een carrière in de nucleaire geneeskunde?

“Dat gebeurde bij toeval. Door mijn promotieonderzoek kwam ik met dit vakgebied in aanraking. Zo ontdekte ik hoe leuk en divers het is. Direct contact met patiënten, diagnostiek, techniek, therapieën: het hoort er allemaal bij. En ik vind het nog wat uitdagender en gevarieerder dan andere gebieden waar je veel met nachtdiensten en routinematige gevallen te maken hebt. Daarom ben ik binnen dit specialisme blijven werken.”

Wat was je rol bij de ontwikkeling van de DaTSCAN?

“Dit jaar is het precies 25 jaar geleden dat DaTSCAN op de markt kwam. Ongeveer vijf jaar daarvoor waren we hier in Amsterdam al bezig met een techniek om dopaminecellen beter mee af te kunnen beelden. Tegelijkertijd ontwikkelde de Amerikaanse chemicus John Neymeyer een stofje dat ideaal bleek voor het afbeelden van dopaminecellen door de DaT in beeld te brengen. Nederlandse collega’s kochten het stofje van hem en vanaf dat moment startten we met testen en onderzoek. Al snel bleek dat dit stofje uitermate goed werkte in mensen. Later noemden we dit stofje vaak DaTSCAN omdat het onder deze naam op de markt kwam. Dit leidde tot snelle registratiestudies van DaTSCAN, een Europese marktintroductie en later kwam de scan ook FDA-goedgekeurd beschikbaar in Amerika. Wereldwijd wordt de techniek dagelijks gebruikt in de routinezorg en tot nu toe zijn er ongeveer 2,5 miljoen patiënten mee gescand.”

Hoe heeft de DaTSCAN het verschil gemaakt bij het stellen van de diagnose parkinson?

“Het grote voordeel van deze scan is dat we op een vrij eenvoudige manier kunnen aantonen of iemand wel of geen verlies heeft van die dopamine-producerende cellen. Zo kunnen we snel bevestigen of het om parkinson gaat of niet.”

Hoe verloopt zo’n scan?

“De patiënt krijgt een injectie in een ader van de arm met een kleine hoeveelheid van de radioactieve stof. Daarna moet de patiënt drie uur wachten zodat de stof op zijn plek kan komen in de hersenen. Dan volgt een scan van dertig tot veertig minuten. De nucleair geneeskundige beoordeelt de scan en vertelt of er wel of geen dopaminedegeneratie te zien is.”

Waarom krijgt niet elke patiënt standaard een DaTSCAN voor een diagnose?

“Voor neurologen is het in 80 tot 90% van de gevallen op basis van klassieke klinische symptomen en neurologisch onderzoek al duidelijk of iemand de ziekte van Parkinson heeft. Dan is een scan dus niet nodig. Maar is er twijfel over de diagnose, dan verwijzen ze de patiënt door voor een DaTSCAN. De neuroloog twijfelt als symptomen te subtiel of niet helemaal typerend zijn voor parkinson. Een patiënt heeft bijvoorbeeld een uitzonderlijke combinatie van klachten, of gebruikt medicijnen die parkinsonachtige symptomen geven. Bij patiënten van 80+ gebruiken we de scan regelmatig om te checken of hun loopstoornissen en balansproblemen door parkinson komen of algemene ouderdomskwalen zijn.”

Wat is er door de jaren heen verfijnd aan de technologie van de scan?

“Het radioactieve stofje zelf is al 25 jaar onveranderd gebleven. Maar de scantechnieken zijn stukken verbeterd. We hebben bijvoorbeeld een aparte camera alleen maar voor het hersenspectrum. De meeste vooruitgang zit in de beeldanalyse die nu volautomatisch plaatsvindt. Vroeger trokken we handmatig lijnen om bepaalde gebieden, om de beelden te beoordelen.”

De toekomst van DaTSCAN: nauwkeuriger meten met PET

“De DaTSCAN is een zogenaamde SPECT-techniek. We hebben nog een andere techniek: PET. Daarbij moeten we een net iets ander stofje toedienen dan bij SPECT. Ik verwacht een verschuiving van de huidige SPECT-techniek naar PET, die een nog nauwkeuriger afbeelding van dopaminecellen kan bieden.

Verder onderzoek richt zich op het afbeelden en kwantificeren van andere neurotransmittersystemen in de hersenen. Om een breder inzicht te krijgen in de symptomen van parkinson en gerelateerde aandoeningen, aangezien niet alle klachten met dopamine te maken hebben.”

Waarop ben je het meest trots van alles wat je hebt bereikt in je vakgebied?

“Ik vind het mooi dat ik actief kon meehelpen om de DaTSCAN op de markt te krijgen. Destijds was ik nog heel jong; ik besefte niet in wat voor unieke situatie ik terecht was gekomen. Want dat was natuurlijk ook gewoon geluk hebben. Eerst werd de scan alleen in Nederland geproduceerd voor ongeveer heel West-Europa, later ook in Amerika. Nu kregen dus al 2,5 miljoen mensen een DaTSCAN, in veertig verschillende landen en ruim duizend instituten. Ik vind het een heel fijn idee dat de scan zo veel mensen helderheid geeft.”

“Ik vind het mooi dat ik actief kon meehelpen om de DaTSCAN op de markt te krijgen. Destijds was ik nog heel jong; ik besefte niet in wat voor unieke situatie ik terecht was gekomen. Want dat was natuurlijk ook gewoon geluk hebben. Eerst werd de scan alleen in Nederland geproduceerd voor ongeveer heel West-Europa, later ook in Amerika. Nu kregen dus al 2,5 miljoen mensen een DaTSCAN, in veertig verschillende landen en ruim duizend instituten. Ik vind het een heel fijn idee dat de scan zo veel mensen helderheid geeft.”